Deze overeenkomst vervangt de bilaterale luchtvaartovereenkomst van 27 april 1965 waarvan meerdere clausules verouderd waren. De bepalingen ervan zijn van toepassing op de partijen en hun luchtvaartmaatschappijen en regelen alle aspecten voor de exploitatie van de luchtverbindingen.
Op economisch en diplomatiek vlak draagt deze luchtvaartovereenkomst bij tot de uitstraling en de aantrekkingskracht van België in de wereld. Ze biedt opportuniteiten, zowel aan de luchtvaartmaatschappijen als aan de luchthavens of onderaannemers. Ze creëert werkgelegenheid en vergroot de mogelijkheden voor de reizigers die rechtstreeks kunnen vliegen van of naar België.
Het voorontwerp wordt ter advies voorgelegd aan de Raad van State.