22 apr 2026 23:00

Milieu-impact van de gezondheidszorg: tijd om in actie te komen!

De gezondheidszorg levert een cruciale bijdrage aan de samenleving, maar is tegelijk ook een economische sector met een grote milieu-impact, in de vorm van broeikasgasemissies, gebruik van hulpbronnen en afvalproductie. Hoewel dit thema vandaag actueler is dan ooit, weet niemand precies in welke mate het Belgische gezondheidszorgsysteem vanuit milieuoogpunt duurzaam is. Om die blinde vlek weg te werken, identificeerde het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) een reeks indicatoren om zeven facetten van ecologische duurzaamheid in kaart te brengen. Dat theoretische kader diende als basis voor een eerste, nog zeer voorlopige analyse omdat betrouwbare gegevens en duidelijke referentiepunten vandaag nog beperkt zijn. De conclusie? Van de 16 geëvalueerde indicatoren staan er acht in het rood en slechts één in het groen, terwijl zeven niet konden worden beoordeeld bij gebrek aan een geschikt referentiepunt. Deze resultaten moeten met de nodige voorzichtigheid worden geïnterpreteerd, maar één zaak is duidelijk: de inspanningen om de uitstoot en de ecologische voetafdruk van de gezondheidszorg te verminderen, moeten worden opgevoerd.

Als we de opwarming van de aarde, de aantasting van ecosystemen en het verlies aan biodiversiteit — en hun verstrekkende gevolgen — willen afremmen, moeten we alles in het werk stellen om de milieu-impact van menselijke activiteiten op korte en lange termijn terug te dringen. Ook de steeds belangrijker wordende gezondheidszorg speelt daarin een sleutelrol. De sector is goed voor ongeveer 5% van de broeikasgasemissies in ons land. België heeft zich trouwens formeel geëngageerd om tegen 2050 te evolueren naar een duurzaam, klimaatbestendig en koolstofarm gezondheidszorgsysteem.

Een algemene stand van zaken en waarschuwingssignalen

Zelfevaluatie vormt een onmisbare eerste stap richting verbetering. In dat licht ontwikkelde het onderzoeksteam — en dat is een Europese primeur — 18 indicatoren die samen zeven grote thema’s bestrijken (zie kader). Zestien van die indicatoren konden al worden geëvalueerd, de laatste twee volgen binnen enkele maanden, zodra de nodige gegevens beschikbaar zijn.

Op het eerste gezicht lijkt dat een beperkt aantal voor een onderwerp van deze omvang. Het was ook niet de ambitie om het thema in detail te behandelen. Het doel was om aspecten te identificeren die nader onderzocht moeten worden of waarvoor prioritaire maatregelen nodig zijn.

Belangrijk is dat deze studie enkel focust op de impact van het gezondheidszorgsysteem op het milieu. Ze gaat dus niet in op de effecten van het milieu op de gezondheid — noch op de vraag in welke mate het zorgsysteem zelf bestand is tegen de gevolgen van klimaatverandering, zoals hittegolven of extreme weersomstandigheden (veerkracht).

De volledige resultaten vindt u in de synthese van het rapport en in de overzichtstabel met alle geanalyseerde indicatoren. Hieronder bespreken we enkele aandachtspunten.

De 7 thema's van ecologische duurzaamheid

  • Totale ecologische voetafdruk (3 indicatoren)
  • Directe uitstoot in de atmosfeer (2 indicatoren)
  • Gebouwen- en energiebeheer (2 indicatoren)
  • Medische producten met een hoge CO2-voetafdruk (3 indicatoren)
  • Duurzame voedselvoorziening (1 indicator)
  • Afvalbeheer en circulaire economie (2 indicatoren)
  • Waterbeheer (2 indicatoren)

Verontrustende en onvolledige resultaten

Laten we starten met het enige positieve resultaat van de evaluatie. Wanneer er voldoende doeltreffende inhalatoren met een lage CO₂-voetafdruk beschikbaar zijn —  wat vooral het geval is bij onderhoudsbehandelingen — blijken veel artsen daar bewust voor te kiezen. Dat is geen detail: inhalatoren (of de zogenaamde ‘pufjes’) worden gebruikt voor de behandeling van luchtwegaandoeningen zoals astma en COPD. Ze zijn samen goed voor ongeveer 0,4% van de totale broeikasgasemissies door de gezondheidszorg.

Daartegenover staat dat de atmosferische emissies van de sector hoger liggen dan het Europese gemiddelde — of het nu gaat om broeikasgassen, fijnstof, verzurende gassen of ozonprecursoren. Ook het gebruik van fossiele brandstoffen blijft hoog. Vooral de resultaten voor Wallonië geven aanleiding tot bezorgdheid, al scoren ook de andere regio’s niet goed. Maar betekent dit dat België het echt slechter doet dan zijn Europese buren? Dat is moeilijk te zeggen. De Belgische cijfers zijn niet altijd gebaseerd op dezelfde methodologie als die van andere landen, en zijn mogelijk ook meer volledig. Bovendien gaat het om indirect berekende resultaten, gebaseerd op een aantal aannames.

De milieu-impact van een sector reikt uiteraard verder dan alleen uitstoot. Ook water- en afvalbeheer, circulaire economie, milieuprestaties van gebouwen en duurzame voeding verdienen aandacht. Tegelijk blijft de milieu-impact van de gezondheidszorg een relatief jong en snel evoluerend onderzoeksdomein, waar betrouwbare gegevens en referentiemaatstaven vaak nog ontbreken. Zo zijn er voor water- en afvalbeheer momenteel enkel cijfers beschikbaar voor Vlaanderen, terwijl andere domeinen — zoals de circulaire economie — nog onvoldoende onderzocht zijn. Het is dus essentieel om het onderzoek en de gegevensverzameling te versterken.

Alles is verbonden

Tot slot twee belangrijke kanttekeningen. Ten eerste mag niet uit het oog worden verloren dat de ecologische duurzaamheid van de gezondheidszorg ook — en misschien zelfs vooral — afhangt van een doelmatig gebruik van het systeem. Overconsumptie, onnodige ingrepen, vermijdbare aandoeningen of bijwerkingen: ze veroorzaken een onnodige milieu-impact.

Ten tweede staat de zorgsector niet op zichzelf. Ongetwijfeld moet de sector ‘groener’ worden, maar de milieu-impact ervan wordt in grote mate bepaald door activiteiten stroomopwaarts, stroomafwaarts en soms parallel aan de eigen werking (productie van geneesmiddelen en gezondheidsproducten, afvalbeheer…). Effectieve verduurzaming vraagt dan ook inspanningen die verder reiken dan de gezondheidssector alleen — en zelfs verder dan de landsgrenzen.