Gynaecologisch en obstetrisch geweld: terreinactoren roepen op tot versterking van de preventie en de rechten van patiënten
Een interfederale werkgroep bestaande uit overheidsinstanties, gezondheidswerkers en patiëntenverenigingen publiceert vandaag een belangrijke aanbeveling over de preventie en aanpak van gynaecologisch en obstetrisch grensoverschrijdend gedrag en geweld (GOG) in België. Deze aanbeveling, die het resultaat is van een unieke samenwerking tussen alle betrokken actoren, schetst welke prioriteiten voorop moeten staan voor een gecoördineerd beleid: meer informatie verstrekken, de toestemming van patiëntes centraal stellen in de behandeling, de opleiding van zorgverleners verbeteren, hun arbeidsomstandigheden ondersteunen en preventie versterken.
GOG in het kort
Gynaecologisch en obstetrisch grensoverschrijdend gedrag en geweld (GOG) kan worden gedefinieerd als elke handeling, uitspraak, gedraging of nalatigheid in het kader van seksuele en reproductieve gezondheidszorg die de fysieke of psychologische integriteit van patiëntes aantast.
Het kan verschillende vormen aannemen: gebrek aan geïnformeerde toestemming, bagatelliseren of ontkennen van pijn, vernederende opmerkingen, ongerechtvaardigde medische handelingen of het niet respecteren van de keuzes van patiënten.
Deze situaties kunnen zich op verschillende momenten in het zorgtraject voordoen, en gedurende het hele leven van vrouwen. Ze kunnen blijvende gevolgen hebben voor de fysieke en mentale gezondheid van patiëntes, maar ook voor hun vertrouwen in het zorgstelsel.
GOG kan ook schadelijke gevolgen hebben voor professionals: geconfronteerd worden met situaties van geweld die soms tegen hun wil worden uitgeoefend, als gevolg van organisatorische, institutionele of hiërarchische beperkingen, kan bij zorgverleners leiden tot emotionele stress en een diep ethisch onbehagen.
De afgelopen jaren zijn er op sociale media talrijke getuigenissen over gynaecologisch en obstetrisch grensoverschrijdend gedrag en geweld (hierna: GOG) verschenen, met name via de hashtags #GenoegGezwegen of #PayeTonUtérus. Deze bewegingen hebben bijgedragen tot het doorbreken van de stilte rond negatieve ervaringen met seksuele en reproductieve gezondheidszorg.
Het onderwerp is ook op nationaal en internationaal niveau op de agenda geplaatst in de politiek, bij verenigingen en in de academische wereld. Dankzij deze beweging is er in het kader van het Nationaal Actieplan ter bestrijding van gendergerelateerd geweld 2021-2025 een interfederale werkgroep over gynaecologisch en obstetrisch geweld opgericht. De werkgroep, die bestaat uit overheidsinstanties, beroepsorganisaties uit de gezondheidssector en patiëntenverenigingen, publiceert vandaag een aanbeveling over de preventie en bestrijding van GOG in België.
Zeven acties om de preventie en de kwaliteit van de zorg te verbeteren
De aanbeveling bevat verschillende prioritaire acties voor de federale overheid, de gewesten en de gemeenschappen om de preventie en de behandeling van GOG in België te versterken.
Enkele van de belangrijkste acties zijn:
- patiëntes beter informeren over hun rechten op het gebied van seksuele en reproductieve gezondheid;
- de rol van patiëntes in beslissingen over hun gezondheid en het respecteren van geïnformeerde toestemming versterken;
- de bemiddelings- en meldingsmechanismen verbeteren;
- de initiële en voortgezette opleiding van gezondheidswerkers over dit thema versterken;
- de gegevensverzameling en het onderzoek naar het fenomeen ontwikkelen;
- verenigingen ondersteunen die actief zijn op het gebied van seksuele en reproductieve gezondheid en die patiënten vertegenwoordigen;
- de arbeidsomstandigheden in de diensten voor seksuele en reproductieve gezondheid verbeteren.
Het doel is een zorgrelatie te bevorderen die gebaseerd is op vertrouwen, communicatie en gezamenlijke besluitvorming.
De betrokken organisaties roepen de bevoegde autoriteiten nu op om op basis van deze aanbeveling een gecoördineerd beleid te ontwikkelen voor de GOG in België.
Een collectieve aanpak tussen patiënten en professionals
"Met deze aanbeveling wordt de patiënte centraal gesteld in de seksuele en reproductieve gezondheidszorg. Het is een oproep om haar een actieve rol in haar eigen gezondheid te maken: de preventie van GOG vereist namelijk een partnerschap tussen gezondheidsmedewerkers en patiënten, een partnerschap dat gebaseerd is op respect voor zelfbeschikking en waardigheid, en op gezamenlijke besluitvorming op basis van geïnformeerde beslissingen en medisch gerechtvaardigde criteria."
— Beroepsverenigingen van gynaecologen (VVOG en CRGOLFB)
Ook vroedvrouwenorganisaties wijzen op het belang van ondersteuning van gezondheidswerkers.
“Deze aanbeveling bevestigt nogmaals het belang van een betere erkenning van de zorgberoepen en een verbetering van dearbeidsomstandigheden van professionals in de seksuele en reproductieve gezondheidszorg, om te komen tot kwalitatieve, toegankelijke, continue en gepersonaliseerde zorg die de patiënten en hun behoeften respecteert.”
— Vroedvrouwenorganisaties (VBOV en UPSFB)
Voor patiëntenverenigingen betekent de publicatie van deze aanbeveling een belangrijke stap in de erkenning van het fenomeen.
“Deze aanbeveling zorgt ervoor dat gynaecologisch en obstetrisch geweld als een politiek en maatschappelijk onderwerp onder de aandacht wordt gebracht. GOG mag niet uitsluitend op individueel niveau worden begrepen, maar ook in de relatie tussen zorgverlener en patiënt. Het is noodzakelijk dat we als samenleving samen aan deze kwesties werken.”
— Coalitie Gender en Gezondheid
Een unieke samenwerking tussen actoren
Dit werk is het resultaat van een nauwe samenwerking tussen overheidsinstanties, beroepsorganisaties en organisaties uit het middenveld.
”Deze werkgroep is een eerste ervaring met interinstitutionele en intersectorale samenwerking in de strijd tegen gynaecologisch en obstetrisch geweld (GOG) in België. Ze heeft actoren met complementaire visies rond dezelfde tafel gebracht om samen de situatie te verbeteren, een aspect dat werd benadrukt in het informatieverslag van de Senaat over het recht op lichamelijke zelfbeschikking en het tegengaan van obstetrisch geweld."
— Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen
Perscontacten
Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen
- Aline Defer, perscontact (NL) +32 2 235 55 20, aline.defer@igvm.be
- Véronique De Baets, woordvoerder (FR), +32 479 25 04 41, veronique.debaets@igvm.be
VVOG
- Isabelle Dehaene (NL), Isabelle.Dehaene@uzgent.be
VBOV
- Valerie Wijckman (NL), Valerie.wijckmans@vroedvrouwen.be
De werkgroep is samengesteld uit vertegenwoordig·st·ers van:
- de departementen die bevoegd zijn voor Gezondheid en Gelijkheid, op federaal, gemeenschappelijk en gewestelijk nivea: FOD Volksgezondheid, Departement Zorg, Afdeling Gelijke Kansen van het Agentschap Binnenlands Bestuur, Direction de l’Egalité des Chances van de Federatie Wallonië-Brussel, Safe.brussels, Vivalis, Service Public de Wallonie Intérieur et Action sociale, Sociale Zaken van de Duitstalige Gemeenschap, de Franse Gemeenschapscommissie en het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen;
- beroepsverenigingen: Vlaamse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie, Vlaamse Beroepsorganisatie van Vroedvrouwen, Collège Royal des Gynécologues Obstétriciens de Langue Française de Belgique,Union Professionnelle des Sages-femmes Belges;
- patiëntenverenigingen en leden van het maatschappelijk middenveld, vertegenwoordigd door de Plateforme citoyenne pour une naissance respectée en de Coalitie gender en gezondheid ;
- experts op het vlak van de uitdagingen voor de mentale gezondheid van het zorgpad seksuele en reproductieve gezondheid: Expertisecentrum Kraamzorg de Kraamtuin en deskundig perinataal psychiater van UMC Sint-Pieter.