Nieuw Strafwetboek: harmonisering van de antecedentenregeling voor de GAS-actoren
De ministerraad keurt op voorstel van minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken Bernard Quintin een ontwerp van koninklijk besluit goed dat twee koninklijke besluiten wijzigt zodat de formulering van de antecedentenregeling voor de GAS-actoren conform zal zijn aan de bepalingen van het nieuwe Strafwetboek.
Op 1 september 2026 zal het nieuwe Strafwetboek in werking treden. Naast een grondige herwerking van het Strafwetboek en dus een nieuwe artikelnummering wordt er in het nieuwe Strafwetboek niet langer een onderscheid gemaakt tussen overtreding, wanbedrijf en misdaad maar wordt er een nieuwe schaal voor straffen vastgelegd, gaande van niveau 1 tot en met 8.
De regelgeving met betrekking tot de GAS-vaststellers en sanctionerende ambtenaren bevat evenwel een antecedentenregeling die verwijst naar criminele of correctionele straffen overeenkomstig de begrippen wanbedrijf en misdaad in het oude Strafwetboek.
Hierdoor is het noodzakelijk om de volgende koninklijke besluiten in overeenstemming te brengen met het nieuwe Strafwetboek:
- het koninklijk besluit van 21 december 2013 tot vaststelling van de minimumvoorwaarden inzake selectie, aanwerving, opleiding en bevoegdheid van de ambtenaren en personeelsleden die bevoegd zijn tot vaststelling van inbreuken die aanleiding kunnen geven tot de oplegging van een gemeentelijke administratieve sanctie
- het koninklijk besluit van 21 december 2013 tot vaststelling van de kwalificatie-en onafhankelijkheidsvoorwaarden van de ambtenaar belast met de oplegging van de administratieve geldboete en tot inning van de boetes in uitvoering van de wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties
Tevens moeten de artikelnummeringen worden aangepast overeenkomstig het nieuwe Strafwetboek.
Het ontwerp wordt voor advies voorgelegd aan de Raad van State.