Voor elke categorie van verkeersinbreuken die in aanmerking komt voor GAS-sanctionering, bepaalt het koninklijk besluit van 9 maart 2014 een vast boetebedrag. Deze bedragen zijn afgestemd op de bedragen van de onmiddellijke inningen voor de overeenstemmende graad van overtreding.
De ministerraad van 7 november 2025 besliste om de opdeciemen te verhogen, wat leidde tot een verhoging van de boetebedragen opgelegd door een strafrechter voor verkeersinbreuken. In het verlengde hiervan werd ook het koninklijk besluit van 19 april 2014 betreffende de inning en de consignatie van een som bij de vaststelling van de overtredingen inzake het wegverkeer reeds aangepast waardoor de bedragen van de onmiddellijke inningen werden aangepast.
Gezien de verhoging van de bedragen van de onmiddellijke inning en om het parallellisme tussen strafrechtelijke en administratieve sanctionering te behouden, is het noodzakelijk om ook de bedragen van de gemeentelijke administratieve geldboetes, opgelegd in toepassing van de wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, te verhogen.
Concreet voorziet het ontwerp van koninklijk besluit in de verhoging van de vaste GAS-bedragen van 58 euro naar 64 euro voor overtredingen van de eerste categorie en van 116 euro naar 128 euro voor overtredingen van de tweede categorie, in lijn met de aangepaste bedragen van de onmiddellijke inning voor de overeenstemmende verkeersovertredingen.
Het ontwerp wordt ter advies voorgelegd aan de Raad van State.