Het akkoord zal de samenwerking tussen de inspectiediensten van de gewesten, de gemeenschappen en de federale overheid opvoeren, voornamelijk voor de controle van de tewerkstelling van buitenlandse werknemers. De reglementering daarvan is immers een bevoegheid van de federale en de regionale inspectiediensten. Het zijn de arrondissementscellen, de operationele eenheden die de illegale arbeid en sociale fraude bestrijden, die de kern vormen van deze samenwerking. Deze permanente samenwerking, de actieve coördinatie van de controles en de informatie die ervoor nodig is, vormen de voornaamste speerpunten van het samenwerkingsakkoord. Daarnaast komt ook de uitwisseling van opleidingen aan bod.