16 mei 2019 16:51

Een einde maken aan de discriminatie van transgender personen

Brussel, 16 mei 2019 – België werkt al tien jaar aan de verbetering van zijn wettelijk kader om het leven van transgender personen te vergemakkelijken en om hen beter te beschermen tegen discriminatie. Onbegrip en onwetendheid over de situatie van transgender personen leiden echter nog steeds tot allerhande discriminaties in het dagelijkse leven. Ter gelegenheid van de Internationale Dag tegen Homofobie en Transfobie wil het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen de aandacht vestigen op de realiteit van transgender personen in België.

Transgender personen leven openlijker dan tien jaar geleden. Dat blijkt uit de studie ‘Leven als transgender persoon in België: tien jaar later’. In 2017 leefde 70% van de respondenten volgens hun genderidentiteit, tegenover 50% in 2007. De coming out gebeurt al veel vroeger, op 17 jaar in plaats van 30 jaar bij de vorige generaties. Onbegrip en onwetendheid over hun situatie leiden echter dagelijks tot allerlei discriminaties. Ze worden regelmatig met een verkeerde voornaam aangesproken, soms opzettelijk, ze worden geconfronteerd met ongepaste vragen, beoordeeld en bekritiseerd vanwege hun uiterlijk, ideeën of gedrag. Gevallen van intimidatie, geweld en bedreigingen zijn zeldzamer geworden, maar zeker niet onbestaande.

Uit de studie blijkt dat meer dan een op de drie respondenten geconfronteerd wordt met discriminatie op het werk. In sommige gevallen geven transgender personen er de voorkeur aan om hun baan op te geven als gevolg van de reacties van hun collega's of om ze te vermijden. Meer dan één op de twee leerlingen wordt gediscrimineerd op school, vooral in het lager en secundair onderwijs. Discriminaties in de sport (23%) en op het internet (31,4%) komen ook vaak voor. Bijna de helft van de respondenten vermijdt liever bepaalde plaatsen uit angst om aangevallen, bedreigd of lastiggevallen te worden, en bijna één op de vier vermijden om hun genderidentiteit te uiten via kledij of uiterlijk. Respondenten die veel negatieve ervaringen hebben gehad, melden een slechtere gezondheid en vertonen vaker vermijdingsgedrag.

"Onze maatschappij moet evolueren naar een samenleving waarin stereotypen en vooroordelen niet langer wegen op wat iedereen moet of zou moeten zijn. Deze openheid is essentieel voor een hechte samenleving waarin respect en inclusie primeren op discriminatie en geweld", zegt Liesbet Stevens, adjunct- directeur van het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen.

Het wettelijk kader alleen volstaat niet om discriminaties te voorkomen. Het veroordeelt ze, maar het verhindert ze niet. De hulpdiensten, het middenveld en het Instituut moeten meer middelen krijgen om een echt preventiebeleid te kunnen voeren om de discriminaties te beperken. Onder meer het gezin, de school, de werkplek en de opvang- en zorginstellingen moeten beter geïnformeerd en gesensibiliseerd worden over transidentiteit. Deze mensen en instellingen zijn nog vaak remmende factoren voor transgender personen om te leven volgens hun genderidentiteit. Hun steun en begrip zijn voor transgender personen belangrijke ondersteunende factoren om te gaan met negatieve ervaringen en discriminatie in de samenleving.

Discriminatie van transgender personen volgens de cijfers van het Instituut

EIn 2018 had 16% van de door het Instituut ontvangen meldingen betrekking op het thema ’transgender’. Dit betekent een stijging met 63% ten opzichte van 2017. 48% van deze meldingen waren vragen om informatie en in 40% van de gevallen ging het om klachten. Het ging daarbij voornamelijk over discriminatie op het gebied van ‘wetgeving’ (30%), ’werk’ (28%) en ’goederen en diensten’ (28%).  Een verzekering afsluiten blijft bijvoorbeeld vaak problematisch voor transgender personen. Bijna 30% van de meldingen in het domein ’goederen en diensten’ gaat hierover.

De inwerkingtreding van de Transgenderwet op 1 januari 2018 om de wijziging van de geslachtsregistratie bij de burgerlijke stand gemakkelijker te maken, heeft tot een toename van het aantal meldingen bij het Instituut geleid. Meer dan 30% van de meldingen in het domein ‘wetgeving’ hadden te maken met de Transgenderwet. Mensen namen contact op met het Instituut om informatie te vragen over de nieuwe procedure en soms om hulp te vragen na de administratieve problemen waarmee ze geconfronteerd werden. Tussen 1 januari en 31 december 2018 hebben 727 mensen hun officiële geslachtsregistratie gewijzigd als gevolg van de nieuwe wet, meer dan een derde van alle wijzigingen sinds 1992 (1781).

Eind 2018 publiceerden het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen en het Transgender Infopunt (UZ-Gent) hun tweede studie, ‘Leven als transgender persoon in België: tien jaar later’. Tien jaar na de eerste studie werd een balans opgemaakt van de juridische en maatschappelijke situatie van transgender personen in België en hun ervaringen met discriminatie. De volledige studie kan geraadpleegd worden op http://igvm-iefh.belgium.be.

 

Perscontact
Daphne Rasschaert
02 233 43 92
daphne.rasschaert@igvm.belgie.be
http://igvm-iefh.belgium.be

Het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen werd opgericht in december 2002 en is de onafhankelijke federale overheidsinstelling die instaat voor het waarborgen en bevorderen van de gelijkheid van vrouwen en mannen en de bestrijding van elke vorm van discriminatie en ongelijkheid op grond van geslacht. Het Instituut doet dit door het ontwikkelen en in praktijk brengen van een aangepast wettelijk kader en geschikte structuren, strategieën, instrumenten en acties. Het Instituut streeft naar het verankeren van de gelijkheid van vrouwen en mannen als een vanzelfsprekendheid in de samenleving en dit zowel in de mentaliteit als in het handelen.

Slachtoffers en getuigen van discriminatie op grond van geslacht kunnen zich gratis en in alle vertrouwelijkheid laten informeren over hun rechten of een klacht indienen bij het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen via het gratis telefoonnummer 0800/12 800 of via zijn website http://igvm-iefh.belgium.be.