De Congreskolom werd tussen 1850 en 1859 gebouwd naar een ontwerp van architect Joseph Poelaert, ter ere van de oprichting van België.
De kolom vertelt de geschiedenis van België van september 1830 tot juli 1831. Op het onderste deel van het voetstuk zijn de namen uitgehouwen van de burgers die deel uitmaakten van de toenmalige voorlopige regering. Op de voorzijde zijn de 27 artikelen gebeiteld met de belangrijkste beginselen van de Grondwet. De sierlijsten boven de guirlandes, tussen de bronzen standbeelden, herinneren aan de belangrijkste gebeurtenissen van de Belgische Revolutie. Op de hoeken van het voetstuk staan vier bronzen beelden van 3,5 meter hoog, die de fundamentele vrijheden voorstellen (de vrijheid van eredienst, de vrijheid van vereniging, de vrijheid van onderwijs en de persvrijheid). Net daarboven bevindt zich een lijst, versierd met lauriertakken, waarop de wapenschilden van het land en de toenmalige provincies zijn afgebeeld.
De twee bronzen leeuwen op het voetstuk, die het graf van de onbekende soldaat en de eeuwige vlam omringen, werden na de Eerste Wereldoorlog toegevoegd, in november 1922.
Boven op de kolom prijkt het 4,70 meter hoge standbeeld van koning Leopold I.
Het monument maakt deel uit van het Congresplein, dat sinds 1998 een beschermde site is.