Als gevolg van de zesde staatshervorming werd de bevoegdheid voor gezinsbijslagen gedefederaliseerd en overgedragen aan de vier deeloverheden. Deze overdracht van bevoegdheid heeft tevens betrekking op de controle op de naleving van de regelgeving inzake gezinsbijslagen en uitvoering van strafrechtelijke en administratieve sancties. Elke instantie heeft dus een eigen en exclusieve bevoegdheid voor de controle en de handhaving van de regels voor de thema's waarvoor ze bevoegd zijn.
Het samenwerkingsakkoord heeft tot doel de samenwerking tussen de verschillende sociale inspectiediensten van de deelstaten te coördineren in het kader van de bevoegdheden op vlak van gezinsbijslagen. Dit akkoord laat zo toe het globale en gecoördineerde karakter van het beleid op vlak van de strijd tegen sociale fraude te waarborgen.
Het voorontwerp wordt ter ondertekening voorgelegd aan de Koning.